NL | EN | DE
  • Ribang

Ribang

Opvang

(huidige locatie)
Het Sintang Orangutan Center (SOC) vangt orang-oetans op die als huisdier of handelswaar gevangen hebben gezeten. Vaak zijn de orang-oetans getraumatiseerd omdat ze al heel jong bij hun moeder zijn weggehaald en omdat hun moeder voor hun ogen is gedood. Bij het SOC krijgen ze liefdevolle, professionele verzorging en wordt hun natuurlijke gedrag gestimuleerd. Zo worden ze uitgedaagd om verschillende soorten voedsel te proeven en te eten, nesten te bouwen en problemen op te lossen. Daarnaast kunnen ze hun klimvaardigheden verbeteren en komen ze volop in contact met andere orang-oetans. Het doel is om ze uiteindelijk uit te zetten in hun natuurlijke omgeving: het oerwoud.

Oefenbos

Tembak Lestari is een stuk tropisch woud in de binnenlanden van West-Kalimantan. Het gebied is ingericht als oefenbos voor de orang-oetans die in het SOC voldoende zijn hersteld. Onder begeleiding van de lokale staf leren de orang-oetans stap voor stap zelfstandig te leven in hun natuurlijke omgeving. Zo leren ze in het oefenbos zelf voedsel te verzamelen, nesten te bouwen in een echt bos en beter te klimmen.

Uitzetting

Als de orang-oetans in het oefenbos hebben laten zien dat zij zelfstandig kunnen overleven in het wild en alle nodige vaardigheden voldoende bezitten, dan kunnen ze worden uitgezet in beschermde bosgebieden. Hier worden ze in het begin nog in de gaten gehouden, maar uiteindelijk zullen ze in alle vrijheid hun bestaan kunnen voortzetten. Eén van die gebieden is het Saranbos ten westen van Tembak. Omliggende dorpen werken samen om dit bos te behouden en te beschermen.

De musang

Ribang is ook één van de gelukkige baby’s die met zijn overplaatsing naar Tembak een stap dichter bij zijn uiteindelijke rehabilitatie is gekomen. Toch hebben hij en de andere twee Musketiers nog een hoop te leren over het leven in het bos, de gevaren en de andere bosbewoners. Altijd op hun hoede voor mogelijk gevaar, ontdekten ze plotseling een onbekend dier: de musang, een soort civetkat. De drie musketiers waren nogal zenuwachtig en benaderden het dier met grote voorzichtigheid. Dat de musang een schattig, ongevaarlijk dier is, stond voor hen helemaal niet vast. Het zou op elk moment tot de aanval kunnen overgaan…

Lees meer

Stoere jongens

Ribang is altijd bezig met iets en altijd druk om de wereld om zich heen te verkennen. Een laars is leuk aan je voeten, maar een hoed kan ook! Dankzij het gezelschap van Oscar, Oli en Gagas groeit zijn zelfvertrouwen. Samen hangen ze ‘de stoere jongens’ uit door de beste plek in het verblijf te bezetten en daarmee als eersten hun melkflesjes te veroveren. Ze helpen elkaar hierin graag. Ribangs toegenomen smaak voor een grote verscheidenheid aan voedsel heeft hem geholpen meer op gewicht te komen. Ook dit heeft waarschijnlijk bijgedragen aan zijn zelfvertrouwen. Je ziet het aan zijn beginnende wangplaten die kenmerkend zijn voor het extroverte en wat meer brutale karakter van jonge orang-oetans.

Lees meer

Nest bouwen

Ribang was ongeveer één jaar oud toen hij het SOC werd binnengebracht. Inmiddels is hij een jaar of twee en een half. Toen hij nog maar kort in het SOC was, was hij op een keer bezig met iets dat op een nest leek.

Lees meer

Hogerop

Ribang laat zich door Gagas tijdens het buiten spelen meestal laag bij de grond houden. Maar gaat hij naar de speeltuin zonder Gagas, dan blijkt hij helemaal geen slechte klimmer. Iga is daar zijn speelmaatje, en die zit meestal in de bomen. Dat stimuleert Ribang ook om veel hoger boven de grond te spelen.  

Lees meer

Beste maatjes

Echt fanatiek boomklimmen doen Gagas en Ribang nog niet. Gagas speelt wel graag in de touwen die buiten tussen de bomen zijn opgehangen. Ribang speelt liever op de grond. Hij klimt vaak wel even een stukje omhoog, maar komt dan weer naar beneden. Gagas en Ribang zijn onafscheidelijk: de twee jongens zitten onophoudelijk met elkaar te stoeien of elkaar te knuffelen.

Lees meer

Snel bekeken

Ribang kan erg goed klimmen en klimt soms tot helemaal bovenin een boom. Hij blijft echter nooit lang in een boom. Na een poosje komt hij naar beneden om op de grond te spelen. De afgelopen weken was het nogal koud weer en dan kruipt Ribang altijd dicht tegen Terra, Iga, Bembi of Gagas aan.

Lees meer

Lekker knus

Ribang zit bij het spelen vaak minder hoog in de bomen dan zijn vriendjes Terra, Iga en Bembi. Hij klimt meestal wat op en neer en slingert aan dunne takken die hij onderweg tegenkomt. Hij eet het liefst maïs en bananen. Groenten vindt hij minder lekker. Daar zuigt hij alleen maar een beetje op. ‘s Avonds vindt hij het lekker op dicht tegen zijn vriendjes aan te kruipen.

Lees meer

Gulzig

Ribang gaat iedere dag naar buiten en klimt dan in een boom om zelf te gaan zitten eten. Hij heeft altijd trek, maar ontwikkelt zich tot een goed gespierde en gebouwde orang-oetan.

Lees meer